Toen ik enkele weken geleden ons konijn van eten ging voorzien, kreeg ik het plots in mijn hoofd om de esdoorn die daar vlakbij stond te ontdoen van enkele takken.
Knipschaar ter hand en hup, tsjak een stuk of vijf takken weg.

Enkele momenten later heb ik me die snoeibeurt dik beklaagd. De sapstroom van een esdoorn blijkt nogal sterk, zo met de lente voor de deur. Géén goed idee om dan te snoeien dus!

Bij wat opzoekwerk achteraf (ah ja, ik was doodongerust dat ik die boom kapot zou gedaan hebben) bleek dat het sap van een esdoorn kan getapt worden, net zoals bij een berk.

Wil het toeval toch dat wij ook een grote berk in ons tuinparadijs hebben staan zekers. Dat sap tappen moest dus eens getest worden.

Vorige week knipte ik dus een tak af en hing er een glazen fles aan.

Voor een volle fles van een liter hadden we 2 dagen en een kletske nodig. De volgende volle literfles ging vlotter wegens geen nachtvorst.
En tot slot konden we ook nog een derde fles tappen. Verder dan dat gaan we dit jaar niet geraken vermoed ik.

Dat berkensap is trouwens wonderbaarlijk helder. Nét water! Al heeft het een iets zoetere smaak en zou het vol goeie dingen zitten. Ideaal om de lente te beginnen en een grote schoonmaak van je binnenste lijf  te houden.

Je kan er ’t schijnt wijn mee maken. Hierthuis echter staan de flessen netjes in de ijskast tot er een dorstige eens passeert om een slokje te doen.
Ons kinderen zijn er wel voor te vinden!