Deze ochtend vroeg: melding van de buurman dat hij een egeltje vond bij het afrijden van zijn gras. Het beestje zat verstrikt in het net dat ik over de erwten had gespannen tegen de duiven en roekeloos had laten liggen na het oogsten tussen twee buien door.
Het net aan onze kant van “den draad”, het egeltje in de knoop aan de buurman zijn kant van “den draad.”

In zeven haasten wrong ik me in mijn kleren, nog nat van het douchen… Holderdebolder den hof in gelopen met de eerste de beste schaar en dat net gaan afsnijden. Oh man, zo triestig seg!
De buurman gaf het egeltje over de draad door. Puzzelwerk voor Katrien.

Na wat geblaas van de egel zijn kant en geknip van mijn kant was de draad alrap verwijderd. Maar dan zagen we de échte problemen. Vliegeneieren. Zo vies en goor vind ik dat!
Dus bel ik naar de dierenarts hier in ’t straat. Hoe ik dat het beste aanpak.
“Zoveel mogelijk verwijderen. Maaien zijn nogal agressief … Zo zacht mogelijk hanteren, die egel.”

Oh yeah! Als ge er nog maar naar kijkt rolt zo’n beestje zichzelf al op.
Mor allee, pincet gezocht, stofschaarke erbij en hup!

Het beestje werd het na een tijdje wat gewoon. Bakken eitjes heb ik eruit gevist langs de rand van zijn pelske. Maar na een uur keuteren besloot ik dat ik er niet alles ging uit krijgen. Zijn kopke, daar liet hij niet aankomen en zijn buikske had ik zelfs nog ni gezien.

“Het spreekuur begint over een kwartierke, kom er maar mee langs.”
Zodus droeg ik het beestje naar de dierenarts die eens keek, constateerde dat zijn vier pootjes bewogen, het een beestje was dat dit jaar geboren werd en hij zichzelf niet onopgerold ging laten behandelen.

Hij kreeg een injectie. Waarmee dat weet ik niet meer maar ’t moest dienen om zijn weerstand te verhogen en zo die parasieten van binnenuit de baas te kunnen.
Ik moest ‘m niet meer observeren ofzo, gewoon terug uitzetten.

Heel wiebelig kroop hij dan door het zevenblad, helemaal niet van plan zich een schuilplekje te zoeken.
Ik probeerde aan den andere kant van den hof waar hij zich gewoon onder de bank in ’t zonneke placeerde.

We lieten ‘m efkes doen. Misschien kroop hij wel weg als we niet in de buurt waren.
Uhu! Een kwartier later zat het beestje daar nog… in de zon… in de mieren… onder de vliegen. HEY! Ik had verdju wel kei veel moeite gedaan om al die vliegeneieren eruit te halen hé, vortzakken!

Doos, stro, paar kattenbrokskes en het tuinhuis in.
Gesnuffel, gerommel… Geslaap.

Zo lief seg zo’n slapend egeljong. Bovenop het stro in het warme tuinhuis (schuurtje eigenlijk want tuinhuizen zijn netjes) op zijn ruggeske, pootjes in de lucht, helemaal ontspannen. Precies een klein boeleke.

Het plan was om ‘m ’s avonds weer vrij te laten maar ik was er precies toch ni zo gerust in dat die overblijvende eitjes en minimaaikes geen kwaad konden.
Ik zocht het telefoonnummer van het dichtsbijzijnde http://praetershoek.be/casino-near-destin-fl/ om raad te vragen. En ja jom, mijn buikgevoel was zó correct. Die eitjes en larfjes moesten uitgewassen worden. Iets wat ik mezelf nu niet direct zag doen.

Zo togen wij -nadat de slapende kinderen ontwaakten- dus met het slapende egelbeestje richting het VOC in Brasschaat.

We lieten het beestje achter in het opvangtuinhuisje aan de straatkant. De aanwezige mensen waren hoogstwaarschijnlijk bezig met verzorgen achteraan het domein en de persoon die ik aan de telefoon kreeg was op interventie.

Ik vulde een briefje in met vindplaats, adres, e-mail en legde dat bij onze egel zijn doos.
We zullen op de hoogte worden gehouden van het herstel van ons patiëntje.

We duimen dat de kleine maaikes aan zijn oogje niet teveel schade hebben aangericht en dat hij geen complicaties overhoudt aan dat hele verstrikt-in-het-net-verhaal.