Wie mijn facebookvriend is zag het al. Wij hebben coole beesten in de buurt.

We wonen mot in ’t centrum van ’t dorp. 140m van de kerk. In een rijhuis. Langs een veel te drukke gewestweg die boenk door ’t centrum loopt.
Twee jaar geleden was ik dolgelukkig dat wij een huis vonden waar vlot vier kinderen in kunnen, in het dorp waar ik ben grootgeworden, met de Chiro aan den overkant van de deur (beetje schuin dan) en met een respectabele tuin (gezien de rijhuis- en centrumomstandigheden).
Dat wij geen park hebben als tuin of een halve boerderij, daar moet ik mij nog steeds wat overzetten.

Maar kijk, het zij zo en wie het kleine niet eert is ’t grote niet weerd.
Eigenlijk zitten wij hier immers niet zo slecht. In een straat waarvan een groot deel van de overburen wél over een park als tuin beschikken, waar veel bomen staan, waar ge op vijf minuten tussen de velden en de boomgaarden zit. Het kan erger.
Spijtig alleen dat de herenhuizen met hun parktuinen in het gemeentelijk RUP staan ingetekend als bouwgrond en er zo binnenkort al één tuin mét grote bomen moet wijken voor appartementen.
Zei ik nu spijtig? Ik vind dat eigenlijk degoutant!

Zodus… wij in ’t centrum in een huis met een tuin van 400m² niet verwachtend dat we de natuur kunnen redden vanop ons lapke grond.
Blij als een klein kind dat er niet één egel maar een hele familie egel in onze tuin (en dus ook de omringende tuinen) woont.

Gefascineerd door de buizerds die boven ons hoofd rondvliegen, Vlaamse gaaien die eikels komen verstoppen in den hof, zwarte roodstaarten die ergens in de buurt nestelen, ja… zelfs al eens een eekhoorn in den hof…
Gelukkig als we het geschreeuw van een jonge ransuil kunnen herkennen in een kot van de nacht.
En perplex als we in de ochtendlijke bakkervroegte een grijze grootoorvleermuis spotten aan onze voordeur.

Een rappe gsm-foto kon het beest nog pruimen. De camera vond hij maar niks en dus vloog hij den boom aan den overkant van ’t straat in.

Vleermuizen genoeg in onze buurt maar nooit gedacht dat er zo’n bijzondere exemplaren zouden tussen zitten.
Het beest werd uiteraard gemeld bij natuurpunt via waarnemingen.be.

Het beestje dat aan de bovenrand van onze voordeur hing was daar waarschijnlijk niet alleen. Zo doen de sporen op de deur mij toch vermoeden.
Manlief merkte deze voormiddag trouwens op dat er allemaal kleine krasjes op de voordeur staan vanboven.
Hypothetisch gezien zou dat dan van die vleermuizen hun scherpe klauwtjes kunnen zijn. Wie weet is onze voordeur wel die beesten hun eetplek.
Het afdakje boven onze deur, de straatlantaarn aan de overkant van ’t straat waar ze jagen, de kerk vlakbij… Ik word al helemaal euforisch bij het gedacht dat we in Broechem een kolonie van die beesten zouden hebben zitten.

Beste gemeentebestuur van Ranst, kunt ge er alstublieft voor zorgen dat ge die waardevolle stukken groen in ons dorp niet verloren laat gaan? Ge zijt een stel gewetensloze boeren als ge niet wat beter gaat nadenken over historisch en ecologisch goed in ons dorp!