eten

bestes online casino echtgeld einzahlen dkb

Ziet. Het water in de teil is nog niet ontvrozen of de brandnetels laten al zien wie er de baas zal zijn in den hof dit jaar.
Ik dacht “laat ik ze voortijdig een kopje kleiner maken” en “ik draai ze in de soep.”

Zodus liet ik me vangen door de zon die al later ondergaat en kroop ik eigenlijk te laat den hof in om brandnetelkopkes uit te pitsen.

Een hele trizee vol en ik moest er niet eens moeite voor doen. Dat belooft nog…
…een helse wortelstokkenuitrekkenactiviteit te worden.

Soep dus. Nogal prematuur. Want van groene jonge scheuten is maar amper sprake.

Het was lang geleden dat ik dat nog eens maakte. Lang. Als in héél lang.
De vorige keer plukte ik brandnetels aan een schapenwei. De soep vond ik toen niet lekker want ik vond dat er een schapenkakgeurtje aan hing.
En ja… vandaag rook ik toch ook weer een zweem van schapenkak. Echter geen schapen hier in onze hof.
Maar met een hoop gestoofde ajuin, een klets blauwe kaas en het lekske room dat nog overschoot van de quiche vervaagde het geurtje.

Geen slechte soep, maar behoorlijk straf van smaak. Wacht dus zelf gerust nog wat tot de brandnetels beginnen puberen. Uw kinderen die eigenlijk graag brandnetelsoep lusten zullen u dankbaar zijn.

 

Kumpir of zoiets

Kumpir, ik lust dat graag!
Ik ben dan ook zwaar fan van de Kumpir Billy in Deurne al kan ik me niet herinneren wanneer ik daar nog eens ging eten.

Vanavond ging ik dat zelf wel eens maken. Ahum.
Zonder recept… want ik vond geen deftig. Enkel de gaartijden van een geroosterde patat vond ik terug. Een gaartijd die er schoon naast zat.
50 min op 180° schreef de bron voor.
90 minuten op 180° bleek veel correcter te zijn.

40 minuten extra en dat was een streep door het humeur van 1. mijn kinderen die honger hadden, 2. mezelf nadat Klaas een bord gare patatten met groenten (per ongeluk) tegen de grond keilde en 3. de man waar ik lelijke woorden naartoe slingerde toen die hoogte kwam nemen van het gekletter en geroep in de keuken.

Zo zaten er dus na half zeven pas 4 kinderen aan tafel boven hun gevulde patat. 2 aten enkel de rauwkost op waarvan één moord en brand huilde dat hij honger had en het niet lustte. 1 at enkel de kaas eraf en de oudste deed haar best, at haar rauwkost op en daarna de helft van haar patat met groenten. De kaas gaf ze weg aan de kaaseter.
Ik ging zelf aan tafel toen 3/4 van de kinderen het al voor bekeken had gehouden.
Sfeer zwaar onder het vriespunt. Héél gezellig, zo twee uur uw kas afdraaien om eten op tafel te krijgen.


En op de koop toe een lelijke foonfoto in nog vorter tl-licht.

Maar kijk, stel dat ge er zelf toch goesting in zou hebben (en voor ’t geval ik het toch zelf nog eens wil testen) alhier het recept.

Per persoon een vuistgrote patat. (Te garen in de oven in een aluminiumpapiertje gedurende héél lang.)

Ik maakte een groentenvulling met groenten die voorhanden waren in de ijskast.
– wortelen (in reepjes gesneden)
– 2 rapen (in den helft en dan in schijfjes gesneden)
– 1 broccoli (gekookt)
– ajuin en look fijngesnipperd.

Ik had een wok vandoen en zwierde daar in deze volgorde alles in:
– olijfolie
– ajuin en look
– wortelen
– rapen
– grof zeezout
– versgemalen zwarte peper
– beetje rozemarijn
– komijn
– versgemalen korianderzaad (niet overdrijven)
– en als de rest bijna (beet-)gaar is, de gekookte broccoli erbij

Als begeleidende rauwkost:
– fijngesneden ijsbergsla
– geraspte koolrabi
– geraspte wortelen
– geroosterde pompoenpitten

De -na lang wachten- gare patatten halveert ge en holt ge gedeeltelijk uit.
In de holle patat: een schijfje mozarella onderin, gewokte groenten erboven en nog wat mozarella bovenop. Efkes den oven weer in om de kaas te doen smelten.
Beetje nakruiden met wat grof zeezout.

Voila. Dat ik mij mispakt heb aan de voorbereidingstijd.

En als ik het opnieuw zou maken, dan zou ik de patatten verder uithollen en een deel van de patattenpulp mengen met wat lookboter of kruidenboter alvorens ik de groenten erbij zou zwieren.
Ooit… als ik deze avond vergeten ben…

 

Experiment

Zo’n aardpeer, gerooid en eigenlijk klaar voor consumptie… ik vroeg me af of dat wortel schiet gelijk een patat.

En gelijk koppelde ik daar dan maar een “Wonderful Day“-foto aan. Of twee voor een keertje. Eentje met tegenlicht en eentje in het licht.
Hoewel de tegenlicht foto het leukste klonk, is de “licht mee”-foto toch de beste.

Maar bon… gaat dat wortel schieten of niet, die aardpeer?

 

 

jaarbezen

Juiste moment, juiste prijs, juiste hoeveelheid… en dan komt ge met 8kg aardbeien thuis.


Die laatste pot aardbeiconfituur van vorig jaar stond daar maar heel eenzaam op het voorraadschab. Tijd voor nieuw gezelschap dus.

4,5 kg aardbeien verdwenen in 19 potten confituur.

1 kg verdween samen met 2 bananen in 12 fruitijsjes.

Er brak een pot, er werd muziek gemaakt met potten, er werd bijna verbrand aan potten.

Het kostte mij enkele uren werk en zeer voeten. Maar er is nog 2,5kg over om mezelf morgen te belonen met jaarbezen en crème-glace! En voor de gelegenheid denk ik er dan 31 kaarsjes bij… dan is dat gepermitteerd hé.

 

Foodfight, maar dan anders

Na kind #1 verdwenen de zwangerschapskilo’s met de geboorte en tijdens de dagen erna.
Na kind #2 bleven na de eerste dagen serieus wat kilo’s meer zitten.  Ze slonken wat, gelukkig… Maar helemaal weg waren ze niet toen kind #3 eraan kwam.
Bij kind #3 bleven er kilo’s zitten en bij kind #4 nog wat extra.

En het zotte is… na de geboortes van de kinderen kwam dat gewicht wel in de buurt van het gewicht van 9 maanden daarvoor. Na verloop van tijd tikten die kilo’s echter toch schoon aan.
Geen vermageringswonder hier tijdens de borstvoedingsperiodes.

Ik ben nooit een slanke pop geweest en dat zal nooit mijn doel zijn maar de gevechten met de kleerkastinhoud en de triestige ontmoetingen met mezelf in het pashokje ben ik ondertussen kotsbeu.

Mijn dikke billen en mijn dikke buik laten zich niet zomaar in een standaardmaatje gieten. De kleren voor de groteomvangmensen doen mij alleen nog dikker lijken dus die zijn écht geen optie. Er resten mij dus ruwweg enkel nog wat zwangerschapsrokskes en enkele Cora Kempermankleedjes die bovenaan smal tailleren en wijd uitgaan vanaf onder de borst die mij nog om het lijf passen.

Na kind #4 vond ik dat het tijd was om aan die kilo’s te werken. Er zouden toch geen kinderen meer volgen dus dat vond ik wel gerechtvaardigd.
4 maanden was dat jongste kind toen ik met bodystyling begon. 2 keer in de week gaan ‘turnen’, al wat ge eet netjes opschrijven,… Maar vooral: ’s avonds de kinderen op tijd in bed krijgen, zorgen dat het kindeke niet te lang zonder voeding zit (ah ja, afritsbare borsten heeft moeder natuur niet uitgevonden en kolven doe ik sinds Trijn haar couveusetijd niet meer), mezelf motiveren om na de avondrush niet in de zetel te ploffen maar de auto in te duiken naar Lier,…

Allee, het loonde wel hoor. Ik heb terug buikspieren en een diastase die tot een minimum herleid is. Maar het gevecht tegen de kilo’s was een zwaar gevecht. 10 wilde ik er kwijt. Ik ben tot -4 geraakt en aan het einde van de rit strandde ik op -2.
Een half jaar lang ging ik twee keer per week, een half jaar lang ging ik één keer per week.  En na een vol jaar ben ik ermee opgehouden.
12 maanden lang heb ik het gevoel gehad dat ik mijn kinderen in de steek liet. Het is immers niet tof om de kinderen vlak voor of tijdens het slapengaanritueel  alleen te laten.
Maar vooral 12 maanden lang dat ik mij naar huis haastte omdat er misschien een Mitteke was die borst moest drinken.
Ik had het dus dik gehad en heb na dat jaar de handdoek in de ring gegooid.

En toen was het winter… Winter met veel feestdagen, winter met kou, een winter met eten om “uw stoof te doen branden”.
Het escaleerde en mijn kleerkast en ik werden zo goed als vijanden. Lees: gevloek en gebleit bij het kijken in de kleerkast.

Aan het einde van de winter een dip om U tegen te zeggen. Het kaliber waarvoor ge naar de huisarts gaat, laat bloed trekken om te zien of ge aan een burnout zit of niet. Het uithuilen omdat ge het niet kunt vastpakken.

Tot een week later de zon zich toch wat laat zien, ge de moed uit uw schoenen schopt om ze terug in handen te nemen, het therapeutidee van de huisarts wat weglacht en ge dat telefoonnummer definitief verloren laat gaan.

Herboren aan het begin van de lente.
Begin mei was dan ook de tijd rijp om naar een diëtiste te stappen.
“Die 10 kilo’s dus.”

Er werd een BIA-meting gedaan. Aan de hand daarvan en van mijn dagelijks leven worden er hoeveelheden opgeschreven. Een menustructuurke als het ware.

Volgens de meetresultaten zou afvallen geen probleem mogen zijn. De verhoudingen in mijn dik lijf zijn okee.
Dat ik nooit mager zou worden omdat ik gewoon veel spiermassa heb, daar kan ik wel mee leven. Geen streefdoel, dat. Om u een idee te geven: 25% van de vrouwen heeft meer spieren dan ik. Loop dus nooit tegen mijn vuist hé. 😀

Als ik een hele dag in mijn zetel zit heb ik zo’n 1600 kcal nodig om het boeltje in leven te houden. ’t Is dus niet dat ik niet mag eten.
En toch vind ik het niet gemakkelijk. Ge moet niet vragen wat ik tot voor kort in mijn kas sloeg!

Enfin, de strijd is aangebonden. 1kg per 2 weken. Ik hoop dat het een trend wordt.

Wordt ongetwijfeld vervolgd. Al was het maar omdat falen in het openbaar nog minder tof is dan het klinkt.

 

En als z’ons willen pesten, dan draaien we z’in de soep.

Zevenblad in onze hof. En ik besloot dat wij hier niet al te veel gras gingen afrijden toen we hier kwamen wonen.
Ik vrees dat ik dat dit jaar toch wat ga moeten herzien. Dat zevenblad breidt zijn territorium immers gestaag uit. Als ik het laat doen staat binnen de kortste keren gewoon half onze hof vol.


En ik ben nu tolerant maar er zijn grenzen. Wie buiten die grenzen treedt, vliegt in de soep!
Zo geschiedde vandaag.

Waren nodig:
– 2 ajuinen
– 2 tenen look
– een dikke bussel gespoeld zevenblad
– kruiden
– 1 dikke patat
– (ballekes want dagen zonder vlees zijn voorbij en af en toe mogen mijn kinderen ballekes in hun soep)

Terwijl mijn eten in de oven stond dacht ik nog wat te oefenen om de gemaakte soep op de gevoelige plaat te krijgen. Kei improvisoir want zo gaat dat hierthuis. En rap, dat ook.
Met een keukenhanddoek als ondergrond en een proper onderhemdeke van Trijn uit de wasmand als reflectiemateriaal.

 

Rap zei ik toch hé? Want als kindjes honger hebben, pikken ze gewoon uw onderwerp weg voor uwe neus!

 

De soep werd gesmaakt.
Volgende keer vliegt er echter nog een prei in. Dat kan die soep wel gebruiken.

Ik denk alvast na over waar we dat zevenblad nog gaan indraaien.

Knepen van het vak

Gisteren volgde ik een workshop foodfotografie die werd gegeven door Photo-Copy.
In Gent! en ik ging met de trein en de bus. Ge moogt dat namelijk wel weten dat ik er geen fan van ben om over de Antwerpse ring te rijden. Als het écht moet ja… maar liever toch niet.
Zodus vertrok ik een uurke vroeger en kwam ik 10 minuten te laat aan. Een kwartier later dan de planning van De Lijn. Trisjaars!

Allee, zet ik mij daar tussen een bende flink luisterende deelnemers en kreeg ik gelijk een hoop informatie, do’s en don’ts van Ann (over foodfotografie uiteraard, niet over de regels van die dag hé!)
Serieus… tijdens die uitleg dacht ik “ah ja, tuurlijk”,  “moh, wat een goeie tip” en “allee, keigoei idee” maar wat verder dacht ik ook “Katrien, wat komt ge hier in godsnaam doen, ge kent uw fototoestel ni genoeg om dat allemaal te doen.”

En dus dacht ik dat ik misschien nog rap kon gaan lopen mor ’t was te laat… We konden alvast aan onze eerste opdracht beginnen.
Een slaatje fotograferen.
Ik zag mensen zwoegen op de compositie óp hun bord. Ikzelf heb dat iets platvloerser aangepakt. Wat kleuren uitgezocht, véél gedacht dat wel en met een rommeltje begonnen.
Aangezien het geen kookworkshop was vond ik het zo zelf geen probleem om boertige talloren te fotograferen. Ook díe zijn immers moeilijk te trekken als ge alle nieuwe tips wilt toepassen.

Alhier mijn talloor boertigheid.

 

En de verfijndheid die ik van iemand anders fotografeerde.

 

Achter de schermen ging dat zo

 

…om iets gelijk dit te verkrijgen.

 

Soep fotograferen was opdracht 2. Dat ging niet gemakkelijk zijn en zowaar… ik heb gevloekt!

 

En omdat ik graag dingen fotografeer zoals ze zijn, kon ik het niet laten om buiten de foodlijntjes te kleuren.

   

Voila. Katrien krijgt vanaf nu virtuele kletsen van Ann bij het posten van slechte foodfoto’s.

Weet ge trouwens wat het extra toffe was van die dag? Het tof volk! Eens dat ijs zowat gebroken was, was dat daar een gezellige boel. Oh… en goei eten man!

En voorts van de rest was ik content dat ik met de trein ben gegaan. Heerlijk aan niks denken terwijl ze u naar huis brengen. Mijn hoofd zat nogal vol na een dag opletten en concentreren.

Groentecouscous

Deze avond gingen we voor een gekend gerechtje.
Eentje met veel snijwerk. Maar kijk… eens dat achter de rug is, is het gewoon in de pan kappen.

2 courgetten, 3 pekes, 2 pastinaken, 1/2 pompoen in grove stukken/plakken snijden.
2 sjalotten (wegens gebrek daaraan hier vervangen door een rode ajuin) ontdoen van zijn frakske, 2 ajuinen in grove stukken snijden, 2 tenen look fijnsnijden
1/2 spaans pepertje fijnsnijden.

Gaan in een grote wok/pan/iets met olijfolie:
Look, komijnzaad & korianderzaad (platgestampt en van elks  een koffielepel), lepeltje paprikapoeder, en het stukske peper.

Na 5 minuten toevoegen:
Ajuin, sjalotten, snuifje saffraan en koffielepeltje kaneel, peper en zout.

Na 5 andere minuten (nee, we werken niet cumulatief) toevoegen:
pekes (wortelen zo u wil), courgetten, pastinaken en pompoen.
10 minuutjes in ’t oog houden en geregeld eens ‘keren’ om de kruiden in de groenten te laten trekken.

Bij in de pan:
80gr rozijnen en een blik uitgelekte kikkererwten (200 of 250gr?)
Dan 400gr pruimtomaten uit blik toevoegen (wij hadden geen pruimtomaten meer dus werd het gewoon 400gr tomatenstukjes) evenals 600gr groentenbouillon.  De groenten moeten zo goed als onder staan dus moet ge bijvullen tot uw groenten kunnen garen in ‘sap’. Ik zet er simpelweg een deksel op en roer alles bij tijd eens om. Dat gaat ook en uw saus is minder lopend op ’t eind.
De boel 20 minuten laten garen.

Voila. Er rest u alleen nog het bijvoegen van de grof versneden koriander en het opdienen met couscous.

Ervaringsnoot van de dag: let op met het peperke!! Ik doe er meestal een halfje in maar vandaag telde dat halfje voor 2 minder pikante varianten. De kinderen kregen ketchup tussen hun eten gedraaid om de smaak wat te milderen!
Zeg niet dat ik u niet gewaarschuwd heb hé.

Allee, en nu zal ik me maar eens inschrijven voor de workshop “foodfotografie” bij Photo-copy zekers?

Ik geef u voor ’t gemak nog efkes de ingrediëntenlijst mee. Schoon achter elkaar.

2 ajuinen (grof gesneden)
2 sjalotten (ontveld)
2 tenen look (fijn gesneden)
zout, peper
komijnzaad (fijn gemalen, 1/2 – 1tl)
korianderzaad (idem komijn)
saffraan
kaneelpoeder (1/2tl)
paprikapoeder (1tl)
1/2 spaans pepertje (of meer voor de durvers)
400gr pruimtomaten uit blik
600gr groentenbouillon
1 uitgelekt blik kikkererwten
80gr rozijnen
3 wortelen in grove stukken
2 pastinaken in grove stukken
2 courgetten in grove plakken
1/2 pompoen
1 bussel verse koriander
couscous

De hoeveelheden zijn voor 4 personen. Wij eten daar met 6 van (waaronder 4 mini-eters) en vriezen steevast de helft in.

Dagen zonder vlees #2012

Zo. Dagen zonder vlees, tweede editie.

Vorig jaar deden we mee en dit jaar doen we het met meer overtuiging nog een keer.
Ze zijn het nog niet vergeten, ons kinderen. De twee oudsten weten het ook héél goed. 40 dagen geen vlees.
Enfin, ik weet nu al dat het weer geen 40 volkomen vleesloze dagen zullen zijn. Maar één carnidag per week ipv één veggiedag per week, dat zou toch al een schone ommezwaai zijn hé?

Vorige editie zinderde onze warmemaaltijdenzondervlees nog lang na en dat is een goed ding denk ik. Als ik nu vlees koop, dan zal dat meestal minder dan meer zijn. Voor 6 personen haal ik gemiddeld 450 gr vlees in huis met een maximum van 600 gr voor het hele gezin.

Voor de broodmaaltijden hadden we het wat moeilijker. Allee ‘we’… ‘ik’ dus. Er kwam nog vlees binnen voor het boke. Minder. Veel minder. Dat wel.
Hoe raar dat ik het vorig jaar niet verzonnen kreeg om vegetarisch broodbeleg in huis te halen.
Ons kinderen leefden op choco, honing, confituur (ik heb ook dit jaar nog hopen potten staan!), kaas, smeerkaas, geitenkaas en af en toe een vleesje.

Voor de start van dit jaar haalde ik alvast wél tartex en kabouterpaté in huis.

Het vervult me enigszins met nostalgie. Ik ging namelijk naar een school waar de helft van mijn klasgenoten tartex tussen zijn bokes smeerde. Over het waarom daarvan heb ik me als puber nooit vragen gesteld. Dat was zo. Wij deden dat thuis niet. Bij de goeie Vlaamse boerenkost hoort standaard een goei stuk vlees. Zo ben ik groot gebracht.

Gelukkig leerde ik op school ook andere voedingsgewoonten kennen.  Ik deelde het leslokaal standaard met 1/4 vegetariërs en 1/4 halve vegetariërs
In onze klas zat ook iemand die macrobiotisch was. Haar moeder bracht elke middag gewoontegetrouw een portie versgemaakt eten naar school. Maar onze puberale, macrobiotische klasgenoot was daar niet altijd heel content mee. Zo ruilden wij onze boterhammen tegen haar eten. Man! dat was toch lekker. Tofu, seitan, zeewier,… Ik had daar tot voor mijn 14de nooit van gehoord.

Enfin, we rakelen dus nog eens wat oude kennis op. Eindelijk! *verdient een sjot onder haar kont*

#DZV2012 is alvast hipper dan de editie van vorig jaar.  Er lijken meer mensen te zijn die meedoen.
We verzamelen receptjes op pinterest en we gooien onze verminderde ecologische voetafdruk in de strijd.

En alsof dat nog niet genoeg is, waag ik me alvast aan een ander experimentje.
Geen shampoo meer. Hier opgepikt. Daar vandaan.
Geen idee of het veel verschil zal geven… We wasten onze haren tot hiertoe vrijwel altijd met biologische shampoo.
Voorlopig is het een experiment met betrekking tot mezelf. Voor de kinderen kwam er hier bioplanetgewijs nog nét een shampoofles van 500ml in huis. En manlief staat ook niet te springen op van die zotte ideeën.

Hop! Als nu de zon nog wat meewil en de dagen rap genoeg lengen, vergaar ik misschien genoeg energie om die voorjaarsvoornemens tot een respectabel einde te brengen.

Warme linzensalade

De zoon verzocht om dat vanaf nu elke donderdag klaar te maken.
De oudste dochter trok haar neus op, proefde een hapje en schoof haar bord aan de kant.
De tweede dochter at.
De derde dochter schakelde over op het betere handenwerk nadat ze ontdekte dat die peterselie toch niks voor haar was en die dus beter te ontwijken viel.

Moeder en vader vonden het lakker!

Gsm-foto onder dampkaplicht, maar dat deed niks aan de smaak gelukkig. 😉

Hoe tovert ge dat nu op uw bord?
Men koken een 400gr linzen. Bruin of groen.
Bussel bladpeterselie, 100gr groene lookolijven en 2 rode ajuinen in reepkes, schijfkes,… snijden.
250gr  kerstomaatjes roosteren in de oven. 130°, 40min. Een bakblik of ovenschotel met olie (waar bijv. de olijven in zaten) is hier vandoen.

Uitgelekte linzen kruiden met peper en zeezout. Sap van een halve citroen erdoor roeren en vervolgens tomaatjes, peterselie, rode ajuinen en olijven zachtjes erdoor mengen.

De look-/ajuinbek moet ge er de volgende dag wel bijnemen. 😉