natuur

casino games blog

Ik heb getwijfeld om het lezerspubliek om een mening te vragen. Maar ik ben te eigenwijs en zelf beslissingen maken lukt me ook nog.
Zo opperde ik dus enkel het idee bij hem waarmee ik trouwde.
Een idee dat lichtjes op hoongelach werd onthaald waardoor mijn humeur zachtjes aanbrandde.
Dat het hypocriet is als ge nen tweede auto hebt.  De rest heb ik niet onthouden…

Het geflambeerde idee verhuisde naar mijn bovenkamer. Ik ben nogal vuurvast.

We maken een zijsprongetje:
De peter van onze jongste werkt bij een chemiereus in ’t Stad, moet daar een machien aanzetten met een moteur zo groot als onze woonkamer. Dat aanzetten alleen al verbruikt evenveel als het maandverbruik aan elektriciteit van half Antwerpen (ik weet nimeer van hoeveel personen maar het was belachelijk veel.) En als die motor niet van de eerste keer aanslaagt, dan moet ‘m die knop nóg eens indrukken. Ze mogen dat maar één keer per week doen en de kerncentrale moet verwittigd zijn.

Ge wordt daar niet gelukkig van als ge dat hoort.

De paus ontstak eerder deze week de grootste kerstboom ter wereld met de woorden “ik hoop dat dit licht zal brengen in de schemering.”
Heel schoon natuurlijk, dat licht in de schemering. Figuurlijk dan!!
Het equivalent van 30 voetbalvelden verlichten. Er blijft weinig schemering over mijn gedacht.
Energie die beter besteed kan worden, niet?

Terug vanwaar we kwamen:
Het idee bleef in de bovenkamer en weekte. Het weekte motivatie los.
Ge zet niet zomaar nen dooien tak in uw huis als kerstboom. Ge moogt gerust nadenken waarom ge zo ineens een hoop traditie overboord gooit, waarom ge niet doet gelijk al de rest.

Vandaag zaagde ik een half uur aan één van de drie stammen van de esdoorn in onze hof. Met een handzaag ja. Wij bezitten geen groot geschut gelijk kettingzagen.
En ik heb gezweet, dat ook.
Enfin, ik kreeg het geviseerde deel plat. (Ineens ben ik trouwens niet meer zo zeker of ik ‘m wel helemáál weg wil. Misschien mag hij nog een jaartje zo blijven staan.)

Ik haalde er een schone zijtak af en troonde die mee naar het huis.

Het is en blijft een druppel op een hete plaat. Die ene kerstboom die niet gekocht zal worden dit jaar. Die paar pesticiden die volgend jaar niet zullen vloeien. Enfin, het klinkt bijna belachelijk.
Al helemaal als ge weet dat wij hier met een niet geïsoleerd dak zitten. De centen ontbreken ons momenteel om dat op te lossen.

Maar ik maak me sterk dat  ge toch tenminste op de kleine dingen kunt letten die binnen eigen bereik liggen.
Begin bij uzelf. Zoiets… Al zou ik dan ook beter de stekker van de lichtjes uittrekken.

Aan de andere kant kan ik alvast meedelen dat het ook wel iets heeft zo’n klein boomke in huis.
Het brengt u gelijk wat dichter bij de oorsprong van heel het kerstboomgedoe.
Het heeft iets bijzonders. Al moest de rozenbottelslinger er toch weer uit, evenals de gedroogde appelsientjes, de steranijzen en de strooien kransjes met zilverdraad. Hij vraagt wat soberheid.

We zien ook andere voordelen.
Op grondniveau neemt onze boom amper plaats in beslag. Net het omgekeerde volume van een spar.
We gaan hier geen drie maanden naalden moeten zuigen en uit onze sokken trekken.
Geen desillusie wanneer we merken dat we ook deze keer weer te laat zijn om de spar uit te planten, dat we de boom te weinig water gaven, dat er eigenlijk amper wortels zitten in dat kluitje,…

Eigenlijk missen we nu net nog wat barbaratakken in huis om die niet-groene boom te compenseren. (Oh en een maretak!)
Maar ik ben te laat. Enfin, toch als we bloesem in huis willen hebben tegen Kerstmis. Volgend jaar dan maar!

Ajuin

Er groeiden ajuinen in onze hof. Een hele boel.
Ik heb (een deel) in een lange tros gehangen. Naar eigen goeddunken. Maar hoe moet dat nu echt, zo’n ajuinvlecht maken?
Bestaat daar zo’n aloud techniekske voor?

Geplaagd

Geplaagd door slakken. Wat zeg ik? Moegetergd, gepest,…
Ze aten 3 jonge courgetteplanten op en 2 pompoenplanten, ze aten tot dusver alle courgetten op behalve één.
Welgeteld één courgette heb ik uit mijn eigen hof gehaald.

En aangezien Elza D. te ver woont om ze over mijn haag te gooien, ben ik dus uit pure miserie courgetten gaan pikken uit den hof van mijn ouders.

Ouders die overigens zeer verdraagzaam zijn, want bovenop de gepikte courgetten gaven ze mij vandaag twee kalkoenen in bruikleen.
De dosis escar-go was hier al danig opgedreven dan het tijd was voor fase 2 van het slakkenprobleem.
Twee arme dezekes die geadopteerd werden op de markt van Heist-op-den-Berg mogen mijn groentenhof komen proper pikken.
Enfin proper…
– Ja, want dat pikt alleen beesten uit uwe hof (spinnen, slakken, kevers,…) en dat pikt uw frambozen niet van de struik of jonge bladjes van de planten.
– Nee, want dat kakt gelijk zot!

Een logement van een dag of twee is toegestaan, maar daarna gaan ze onverbiddellijk terug naar hun warme en hartelijke thuistuin.

En stel u nu voor dat ik helemaal overtuigd geraak van het voordeel van kalkoenen in uwe groentenhof, dan schaf ik er mij volgend jaar zelf wel aan. Zo’n.

Vlierbessensiroop

Ah ja, ’t is die tijd van ’t jaar! De vlierbessen hangen hier bijna overrijp aan de struiken. Nochtans is het pas eind augustus…

Veel bessen had ik niet. Ik ben te klein en mijn ladder te kort.
300gr bessen
150gr rietsuiker
3 eetlepels citroensap

Da’s al wat ge nodig hebt.
Rotte en groene bessen eruit halen, bessen van de steeltjes ritsen met een vork.
Het sap uit de bessen laten koken (ik zette de besjes nét onder water.)
Door een (netel)doek gieten en eens goed uitwringen.

Pas op voor uw kleren! Met vlierbessen kunt ge zonder zwans uw kleren verven!

Vervolgens het sap met suiker en citroensap laten koken en op flesjes trekken.

En eigenlijk zou ik mijn vier kinderen morgen in de bakfiets moeten laden om nog vlierbessen te gaan plukken, met 300gr beskes komt ge namelijk niet ver.

Die vlierbessensiroop is kei goe in de winter!
De volgende lading probeer ik met kruiden.

Een vrouw moet alles kunnen

… en omdat ik deze keer niet zwanger ben, pakte ik dus zelf de haag maar aan.
Een klimophaag btw. Lelijk en vuil. Maar van de buren.

Met de elektrische haagschaar van mijn ouders klaarde ik de klus in een half uur.
Daarna had ik een half uur nodig om mijn fijne motoriek terug te vinden. (Serieus, eens wrijven over uw neus zonder fijne motoriek, da’s gelijk nen halve over uw gezicht reussen*) Den tuut in mijn oren verhuisde ook pas na een uur.

Hagen scheren en bomen snoeien (met een handzaag)…ik ga nog serieus wat spek moeten eten om de volgende dag niet elke vezel in mijn armen te voelen!
En ik die dacht dat ge van elke dag een paar kilo kindervlees te sjouwen armspieren kreeg. *ahum*

*reussen=wrijven

Molen

Ik kocht ergens begin dit jaar ne paravent. Ik betaalde de gevraagde prijs, maar had er voor diezelfde prijs toch graag ook de bonenmolen bij die ze nog hadden. Zodus betaalde ik uiteindelijk  tóch minder. 😉

Speciaal voor die bonenmolen zette ik dit jaar snijbonen in mijnen hof. Ik vind dat pure nostalgie!
Hoe dikwijls ik vroeger als kind aan zo’n moleke moest draaien, of als puber boontjes moest blancheren… totdat ik er werkelijk geen goesting meer in had.

En zie, ik ben 30 en ik draai weer aan het moleke! Zo erg zal het vroeger allemaal ni geweest zijn.
Ik herinner me vooral de geur van versgesneden boontjes in het huis van mijn ouders in Broechem, in het huis van mijn grootouders in Deurne én in dat van mijn overgrootouders in Overmere.
De geur van een zomers windje door de keuken en het zonneke dat scheen.

Zo placeerde ik vandaag dus die molen op mijn tafel, zette er een schaal onder en sneed boontjes. De schuifdeur open om de zomerse lucht te laten vermengen met de geur van vers gesneden boontjes…

Vanavond schaft de pot héél traditioneel gestoofde snijbonen met ne patat erbij en een stukske vlees.
Soms moet het leven niet meer zijn dan dat!

“‘k Kom volgend jaar terug”

Oh juist! Dat doet me er aan denken dat ik rap ende gauw nen hoop zwarte bezekes moet gaan trekken in den hof van mijn ouders.
Al twee jaar verkiest iedereen die hier komt zingen een glaaske cassisjenever boven eender welke andere (gekochte) jenever. De voorraad is op en dus moet er bijgemaakt worden.

De boel kan dan een half jaar trekken alvorens we op 31 december weer een hoop jeneverzingers (lees: oudleiding) mogen ontvangen.

Kiekens

Jaja! ’t Is gelukt. We hebben 5 stuks levend erfgoed in den hof.
Met dank aan vaderlief die in zijn ziekteverlof naar Vlierzele wilde rijden.
Zelf geraakte ik daar niet zo vlot. Kom… met die vier kinders hier in huis, rijdt ge niet voor de leut over en weer naar de volgende provincie  (tussen schooltijden en slaapkes door) (en al helemaal niet langs de ring van Antwerpen/de Kennedytunnel).

’t Is ook dat ik er hier in’ t Antwerpse geen vond, Vlaanderse koekoeken. En ja… men placht al eens te zeggen “als ze ’t in hare kop heeft, heeft ze ’t ni in haar gat.” Het moesten en het zouden Vlaanderse koekoeken worden. Ik heb daar zo mijn redenen voor.

1. levend erfgoed
2. goei eierleggers
3. ne goeie beet aan
4. geen hoogvliegers
5. goei broedsters en moederkloeken

Vanaf heden bevolken ook 4 hennen en 1 haan de Praetershoek.
Hij moet de drie bestelde kiekens wat zot gevonden hebben als de fokker er nog 4 had. En och ja… nen haan is toch ook plezant.
Als ge uw vader op pad stuurt, wéét ge dat de gegeven richtlijnen enkel als indicatie dienen.

Zo zitten het  konijnenbeest en het poezenbeest toch niet meer alleen daarbuiten.

Lief en leed in den hof

De hopplant zit vól bladluizen. Ik vloek dus eens. Het is een miserie…
Met de hand afwrijven? Ik. Dácht. Het. Niet! Dus ben ik al content met de lieveheersbeestjes die de plant bezoeken.
Slechte standplaats misschien? Tegen een betonnen plaat is nu niet bepaald de natuurlijke habitat van een hopplant. Als íemand (met verstand van zaken) mij aanraadt om ‘m te verzetten, ik doe het!

Waar een mens dan iets gelukkiger van wordt; de maïshaag is aangeplant!
De plantjes stonden al langer in volle grond, maar de strook waar ze definitief moesten komen, moest nog geschupt worden.  En dan moet ge ni denken dat het wat gemakkelijker schupt als het de dag voordien bakken heeft geregend hé.
Neenee, maak u geen illusies! Steenhard! Lichtjes overdreven, ik geef toe.
Ook: Confronterend te moeten vaststellen dat de regen ocharme de bovenste 4cm van de grond heeft nat gekregen. Eén spadesteek diep en meer dan den helft van ’t zand is poeierdroog.

Desalniettemin, de maïs mag haag worden!

Grasmachien van stal

Een volwaardig alternatief voor een grasmachien, is een roedel kinderen die houden van buiten ravotten.
(En ja… er zijn ook andere alternatieven gelijk schapen enzo, maar dat kakt op uw gras. Pakt dat we dat in onze hof van 400m² niet kunnen herbergen.)

Als ge zelf genoeg uwe hof ‘gebruikt’ en de kinderen genoeg buiten spelen, dan ziet ge algauw welk stuk van uw buiteneigendom betreden wordt. Het gras blijft daar kort(er).
Handig! Want zo moet ge helemaal niet zo gauw het gras afrijden.
Pluspunt! Want hier loopt een mansmens in huis wiens kop overloopt van de hooikoorts.

Zo maaide ik vandaag voor ’t eerst dit jaar het gras. Of tenminste toch een stukske daarvan.
Het natuurlijk kortgehouden gras moest niet gekortwiekt worden uiteraard en de stukken die niet gebruikt worden, mochten lang blijven. ( Ik vind dat immers kei tof dat de margrieten, boterbloemen, madeliefjes en anderen de boel hier komen opfleuren.) Zo bleef er enkel het bijwerken van het voorste stuk der hof over.

Niet kort nee, bijna de hoogste stand van ’t grasmachien. Ah ja, da’s een kwestie van uw gras groen te houden hé. We zouden zot zijn om ons schoon groen gras (dat mos ziet ge nu immers ni) te laten veranderen in een ros tapijt! Wij doen namelijk niet mee aan gazon gieten.

Dat gemaaid gras? Net genoeg om tussen de bessenstruiken te leggen. Zo houden die arme d(b)ezekes het wat vochtiger in deze droge tijden.

En zo hoeven de mensen die hier de komende tijd passeren efkes niet te denken dat ik niet in den hof wil/kan werken.