casino boat sc

Ze schreef iets over perfecte vrouwen met een blog.
Eigenlijk beter… vrouwen die het beste kantje van zichzelf laten zien, bloggewijs.

Ik sta er niet tussen en hoor niet in haar rijtje thuis.  Meer nog… ik durf het schaamrood op mijn wangen wegsteken en ten bewijze daarvan u  de vuiligheid in mijn huis (stal bij tijden) wel eens tonen.

Anderhalve maand geleden bonjourde ik de -overigens vriendelijke- poetsvrouw buiten. Aanvankelijk met het idee om iemand 2 uurtjes extra te laten komen. Maar de optie ‘kennis van het Nederlands’ die ik verkoos, gooide zowaar roet in het eten. De zoektocht heb ik gestaakt ondertussen.
Ik kijk met lede ogen de bergen was en strijk aan. Als er een paar dagen niet wordt gestofzuigd, kan ik mijn kinderen eten geven van wat er onder tafel verzameld werd.

Vrouw aan de haard en het alleen niet klaarspelen. ’t Is triestig om toe te geven. Maar ik geef toe. Die vier kinderen op dik vier jaar tijd, dat lukt me wel. Die vier kleine kinderen combineren met eten maken, het huishouden doen, winkelen,… da’s minder evident. Misschien heb ik me daar wel lichtjes aan mispakt.

Stoppen met bloggen of minder met foto’s prutsen, dat stikmachien helemaal laten verstoffen (net zoals die viool), ’t zijn opties natuurlijk. Maar er mag nog iets aan zijn hé, aan dat leven als huismoeder. 😉

Dus kijkt u even mee… Hier één van de redenen van een huis dat niet spik en span geraakt;

En kom, ge gaat me nu toch niet vertellen dat ik werkelijk waar de enige moeder ben die het huishouden niet gedaan krijgt zoals ze graag zou willen?

Uit de mouw geschud

Dagen zonder vlees.

Daar gingen wij wel eens aan meedoen nadat moeder in een ‘bui zonder verstand’ facebookgewijs op ‘deelnemen’ klikte.
Wij, de wederhelft en ik, zijn niet vies van vegetarisch eten. Onze gezamenlijke kroost daarentegen valt te classificeren onder de soort omnivoren met neigingen tot carnivoor gedrag. Als we ze ’s avonds enkel een vlezeke zouden geven zonder patatten of groenten, zouden ze dat geeneens zo erg vinden.

Bon… wij zonder vlees dus.

Maar laten we stellen dat mijn vlees-/vismetgroentengerechtenkennis nét iets uitgebreider is dan mijn vegetarischegerechtenkennis.
Om het zacht uit te drukken; “Ik denk dat ik wel een beetje inspiratie kan gebruiken.”

Tot hiertoe is het al aardig gelukt. Vandaag aten we voor ’t eerst wat gerookte zalm en heilbot.
We gaan daar niet onnozel over doen. We consuminderen. Punt.

Begin deze week sloeg ik een voorraad groenten in met ’t idee “we zien wel wat we ermee doen.”
Gisteren gaf dat dit resultaat:

Pasta met pompoen en paddestoeltjes.
Wij gebruikten:
– 1 butternut pompoen
– 2 handenvol paddestoeltjes
– 2 handenvol champignonnen
– 1 stuk cambozola van +- 200gr
– 3 soeplepels room
– fusilli
– peper, zout, beetje komijnzaad
– luzernescheuten

Champignons fijngesneden aanstoven. Pompoen in blokjes toevoegen.
Beetje kruiden met peper en zout. Komijnzaadjes erbij.
Bodemke water toevoegen zodat de pompoen kan garen en de boel niet aanbrandt.
Paddestoelen lichtjes aanbakken in een apart pannetje en bij de pompoen voegen als deze gaar is.
Cambozola in kleine stukjes snijden en laten smelten tussen de groenten. Enkele soeplepels room toevoegen.

Opdienen met pasta en luzernescheutjes.

Voor vier volwassen eters zou ik de ingrediënten wel vermeerderen. Onze kinderen keken er eens naar met een opgetrokken neus, aten een proevertje en een vervangend tomaatje. Moeder en vader aten de rest op zonder zwaar te overdrijven in hoeveelheid.

Sap van bomen

Toen ik enkele weken geleden ons konijn van eten ging voorzien, kreeg ik het plots in mijn hoofd om de esdoorn die daar vlakbij stond te ontdoen van enkele takken.
Knipschaar ter hand en hup, tsjak een stuk of vijf takken weg.

Enkele momenten later heb ik me die snoeibeurt dik beklaagd. De sapstroom van een esdoorn blijkt nogal sterk, zo met de lente voor de deur. Géén goed idee om dan te snoeien dus!

Bij wat opzoekwerk achteraf (ah ja, ik was doodongerust dat ik die boom kapot zou gedaan hebben) bleek dat het sap van een esdoorn kan getapt worden, net zoals bij een berk.

Wil het toeval toch dat wij ook een grote berk in ons tuinparadijs hebben staan zekers. Dat sap tappen moest dus eens getest worden.

Vorige week knipte ik dus een tak af en hing er een glazen fles aan.

Voor een volle fles van een liter hadden we 2 dagen en een kletske nodig. De volgende volle literfles ging vlotter wegens geen nachtvorst.
En tot slot konden we ook nog een derde fles tappen. Verder dan dat gaan we dit jaar niet geraken vermoed ik.

Dat berkensap is trouwens wonderbaarlijk helder. Nét water! Al heeft het een iets zoetere smaak en zou het vol goeie dingen zitten. Ideaal om de lente te beginnen en een grote schoonmaak van je binnenste lijf  te houden.

Je kan er ’t schijnt wijn mee maken. Hierthuis echter staan de flessen netjes in de ijskast tot er een dorstige eens passeert om een slokje te doen.
Ons kinderen zijn er wel voor te vinden!

En als ge niet weet wat eten…

… dan kunt ge dit eens klaarmaken.

Courgette en ballekes in tomatensaus.

Dat gaat als volgt:
Men haalt bij elkaar:
–  500gr gehakt
– 1 ei
– 2 beschuiten (wij gebruiken geen kant-en-klaar chapelure)

– 2 courgettes (geen gusten uiteraard!)

– 2 blikken tomaten in stukskes (ah ja, ’t is geen tomattenseizoen en van die waterige tomatten die er wel zijn, maakt ge toch geen verse saus?)
– 2 tenen look
– rozemarijn
– oregano
– zout
– peper

Hoe? Zo!
– Eike in een kom, kruim (fijn) van 2 beschuiten eronder, gehakt erbij en mengen maar. Maak bollekes.

– Courgette in schijfkes in een ovenschaal met olijfolie schikken.
– Daarboven schikt ge de ballekes.

– In een kom mengen: tomatenstukjes, fijngesneden look, kruiden
– Tomatensaus over de ballekes en courgetten gieten

– In de oven zetten op 180° totdat de ballekes en de courgetten gaar zijn (af en toe eens controleren)

Als ik geen 10kg zou willen kwijtgeraken, dan had ik de hele schotel zélf opgegeten. 🙂

Onverantwoord moedergedrag

Mét en zonder schuldgevoel:

– mét schuldgevoel:
Bij het openduwen der voordeur de buggy met twee van uw bloeikes loslaten. Een luttele seconde later uzelf omdraaien als ge de deur hebt opengeduwd en zien dat de buggy zijn eigen gang gaat en erover denkt de straat over te steken.

Ik kan u garanderen dat uw hart een paar keer over slaagt.
Wij wonen dan wel midden in ’t dorp, maar wél aan een gewestweg. Niet dat het hier autoluw is dus!

En ja, ik ben achter de buggy gesprongen en de aankomende auto -die niet te snel reed- week uit en kon stoppen en ik schoof uit en zat verdwaasd op mijn gat achter de geredde kinderen.

Maar ge kunt ni geloven hoe slecht ik mij voelde achteraf! Zomaar het dierbaarste wat ge hebt, loslaten om de voordeur open te duwen, wetende dat het voetpad afhelt aan de garage van de buren. Te weten dat ge dat eigenlijk nooit doet omdát dat niet te verantwoorden valt daar.
Slécht moedermoment, jawel! Gewoon omdat ge aan ’t denken waart over ’t vervolg van de dag en de verdere praktische beslommeringen.

Ik heb getwijfeld om het met u te delen, maar kijk… ge moogt gerust weten dat ik een kip ben. Eentje met véél geluk!

– zonder schuldgevoel:
Dat kind 3 blijft liggen in haar bedje terwijl kind 1 en 2 worden opgehaald van ’t school. ’t Is iets wat ik eigenlijk niet aan iedereen moet vertellen, want ik heb al blikken gekregen van “gij onverantwoorde moeder, ge verdient niet dat ge kinderen hebt.”
Ik ben minstens 40 minuten de deur uit. Met wat pech zelfs bijna een uur.

Het kind van 2 vliegt op maandag en woensdag om 12u in haar bed. Ze heeft dan vaak al een uur lopen jengelen “moe” “bedje”. Dus ze krijgt haar bed na nog een boke.
Dat wil zeggen dat het kind gerust kan slapen en ikzelf gerust twee andere kinderen kan gaan halen. (Mitte gaat uiteraard altijd mee.)

“Maar als uw huis ontploft, of als het in brand vliegt?” “Stel dat er een camion uw huis ramt?” “Gene schrik dat er een meteoriet door het dak gaat slagen?”
Nee, ik lig daar niet zo van wakker. De kans is immers klein dat zoiets gebeurt, óók als ge thuis zijt.

“En als ge zelf iets tegenkomt? Hebt ge een papierke in uwe portefeuille zitten?”
Nee, geen papierke. De wederhelft weet dat als ze er niet bij is, ze thuis in haar bed ligt.
En als ik iets tegenkom? Dan ben ik al zeker dat zij niks heeft!

Tot zover de bezorgdheid van anderen. Mijn bekommernissen waren van de aard “hoelang slaapt het kind, kan ze uit haar bed, kan ze uit haar kamer.”
Aangezien op die vragen een bevredigend antwoord kwam passende in de betreffende situatie, leek het mij opportuner om het kind haar slaap te gunnen.
Tegen dat ik thuis ben, heeft ze nog een uur slaap te gaan.

Vanaf de moment dat er iets verandert in het slaap/schoolpatroon, zal ook het alleen thuis slapen veranderen.

Plannen. Wilde.

Het eerste plan is om een kiekeskot te zetten voor die kip die gouden eieren legt.

Vervolgens kan ik misschien de rest van mijn plannen eens ter uitvoering brengen.
Zoals daar zijn;

– Een schuurtje bouwen. Helemaal vanachter in onze hof. Het tuinhuis dat midden op drassige grond staat en in de winter  kan doorgaan als overdekt plonsbadje (overdreven…) mag plat en den beton verwijderd.

– Het kippenhok mag deels ondergebracht worden in het nieuwe schuurtje.

– Aan onze achtergevel mag een afdak geplaatst worden. Liefst met zo’n schoon houten balken en een pannendak.
Dat zou zo handig zijn om onze fietsen onder te zetten.

– De groentenhof moet aangelegd en ingezaaid worden. Nog een beetje tijd daarvoor en de voorbereidingen zijn genomen. Maar ik voel dat er te weinig tijd gaat overschieten om het te doen zoals ik het in mijn hoofd heb.

– Oh… een schaap zou zo geweldig zijn. Maar da’s ni haalbaar op 400m² zekers?
Ik heb daar ook een wederhelft in tegen…

–  Een wild binnenplan: ik wil een weefgetouw! Dus als ge iemand kent die zijn/haar weefgetouw wegdoet voor een prikske… Ik. Wil.
(Ja Tom… als gij zoveel draden moogt, wil ik ook. Elentrik of stof, zoveel verschil is dat niet hé. 😉 )
’t Is geleden van toen ik pakweg 15-16 jaar was en ik weet niet of ik die kettingdraden nog zonder handleiding zou kunnen opzetten, maar kom. Ik heb er wel goesting in!
Een groot weefgetouw zou tof zijn, maar met zo één zou ik al heel content zijn:

Verder zijn er nog veel andere plannen. Minder wild, dat wel. De volledige woonkamer schilderen, inclusief plafond… dat moet dit voorjaar nog gebeuren.
Het houtwerk in de achtergevel moet afgeschuurd en herschilderd worden. Noodzakelijk kwaad.

Wilde plannen zijn toffer. 😉

Douchen voor gevorderden

Toen Mitte nog een minibaby was, wilde ik daar een postje aan wijden.
Dat is er duidelijk niet van gekomen. Maar onlangs kwam dat fb-gewijs weer ter sprake en dus wil ik u onze doucheavonturen niet onthouden!

Half mei 2010 verhuisden we naar ons nieuwe oude huis. We dachten eraan om de badkamer te vervangen en gingen op onderzoek naar mogelijkheden.
Uiteindelijk bleek dat er andere prioriteiten waren.
Komt nog bij dat noch het ezeltje dat geld schijt, noch de kip die gouden eieren legt hier bij ons wonen. Slotsom: de badkamer zal voor later zijn, ze is immers goed bruikbaar en nog degelijk.
Zo hebben wij dus sinds mei 2010 geen bad meer.
Voor onszelf was dat bad niet zo’n probleem. Om kinderen te wassen daarentegen is een bad wél handig natuurlijk.
Maar kijk, ook via een omweggetje lukt dat badderen wel. De kinderen worden -the old fashion way- gewassen in een teil. Een moderne wel.

(Gsmkwaliteit = niet de beste…)

In de keuken, in den hof, in de badkamer,…  Overal inzetbaar die dingen.
Eigenlijk kocht ik ze omdat ik het niet over mijn hart kreeg om ’s zomers een zwembad vol te laten lopen met water om in te ploeteren en dat om de zoveel dagen te moeten leegkappen en weer te vullen. Milieugewijs is dat amper te verantwoorden!

Maar kom, het ging hier over het douche-aspect van de tubtrugs.
Omdat ik ’s avonds te moe ben om te douchen en daarbij nog eens een kop lang haar heb die veel te traag droogt, ga ik ’s morgens in de douche.
’s Morgens wil zeggen dat er kinderen wakker zijn. Wat op zijn beurt wil zeggen dat ik die kinderen mee moet nemen.
’t Is dat of niet douchen.

En kijk. Dit is douchen voor gevorderden;
– Fien en Klaas zijn ’s morgens de deur uit om naar school te gaan.
– Mitte valt alweer bijna in slaap en wordt in haar hangmatje gehesen. Da’s een drie kwartierkes tijd om gauw te douchen met Trijn.
– Er wordt een tubtrug gevuld met water, het kind wordt ontbloot en in het badje gehesen.
– Tijd en ruimte om uzelve te wassen naast het spelende kind.
– Het kind wassen.
– Het kind laten zitten in haar badje en het moederlijke lijf drogen en aankleden.
– Het natte varkentje uit bad vissen, afdrogen en aankleden
– In zeven haasten naar beneden alwaar Mitte laat weten dat ze honger heeft.
(Dat is een mogelijk scenario. Tegenwoordig gaat Mitte al eens mee naar boven en ligt ze braaf te spelen op het verzorgingskussen op de grond.)

Douchen voor gevorderden. Extra punt: een baby erbij!
– Zorg dat de badkamer warm genoeg is
– Vul het bad voor de peuter
– Leg de baby op de grond op een kussen, bloot en in een handdoek gewikkeld
– Kruip in de douche en was uzelf
– Was de peuter
– Haal de baby erbij
– Was de baby en hou daarbij heel stevig een arm of een beentje vast. Ingezeepte baby’s zijn even glad als pasgeboren boelekes.
– Geef hem/haar eventueel borst (zalig onder het warme water!)
– Stap met de baby uit de douche, droog af en kleed aan.
– Kleed jezelf aan
– Vis de peuter uit bad

Douchen voor gevorderden. Extra punt: 4 kinderen
– zet 3 tubtrugs buiten de douche, in de badkamer
– te combineren met bovenstaande tips en een portie gezond verstand.
-…
– schrik niet als de tubtrugs half leeg zijn na uw douchebeurt
– dweil de badkamer

En als we ooit onze badkamer herinrichten, dan hoef ik daar eigenlijk geen bad meer in. Maar een inloopdouche zou toch handig zijn!

Zjapanees

Een hele tijd geleden liet ik mijn zus een Japans patronenboek meebrengen uit Julija’s shop.
Dat lag hier bijgevolg al een hele tijd te liggen.

En omdat ik het nodig vond om mijn huishouden wat te laten dansen, ging ik een hemdje maken voor Klaas. Uit dat boek welteverstaan.
Patroon overgetekend, stof genomen. En bij dat laatste wrong het schoentje. Stukje te kort!
Dat stukje is bijbesteld ondertussen en moet hier heel dra in de bus vallen, maar daarmee was mijn naaihonger nog niet gestild.

Een rokje voor Fien dan maar.
En echt, ik versta geen lap van dat Japans!  Dus ik heb naar de betreffende werkbeschrijving zitten gapen gelijk een koe naar een voorbijrijdende trein. Ik geloofde immers nauwelijks dat het zo simpel moest zijn.
Twee lappen stof en wat boordekes. That’s it!
Er viel geen patroon over te nemen, want dat zat er simpelweg niet bij! Een hoop afmetingen en leeftijden, da’s al.

Voor Fien ging dat zo: twee lappen stof van 70 breed op 30 lang (zonder naadwaarde hé), een stuk stof om de taille af te werken à la biais (de lengte van Fien haar tailleomtrek + wat centimetertjes speling extra) en twee zelfgemaakte linten om daar onderdoor te trekken.

Ik weet niet of ik het zo goed moet vinden. Het staat zo pofferig. En inderdaad, vooraan hangt het wat lager dan vanachter, al steek ik dat op haar poep (die ze van haar moeder erfde ocharme).
Al ben ik wel content dat ik de lengte heb aangepast en niet de voorgeschreven 38cm heb gebruikt.

Ik twijfel nog of ik na dit proefrokje nog eentje zou maken in een duurder stofje.
Gemakkelijk was het wel, daar niet van!

Aangekomen!

Kijk eens wat ik deze ochtend in ontvangst mocht nemen van meneer facteur!

Zowaar een piramidezakje van Ik ben Vink.
Dankjewel hoor! Een fantastisch zakje in een fantastisch stofke.
Nu enkel nog redden uit grijpgrage kinderpollekes en een fijne bestemming voor het zakje zoeken. 😉

En kijk nog. De lente komt zowaar een beetje piepen in ons huis.

Zalig toch, dat verlangen naar wat meer licht en warmte. Ik ga zo content zijn als het echt lente is.