18u05:
De tafel is gedekt, drie kinderen zitten klaar in aanvalspositie. Eén pot staat nog op ’t vuur. De laatste bavet wordt aangeknoopt.
En dan gaat de bel.
Ik haast me naar de trap en loer naar beneden om te zien wie er voor de voordeur staat. Door het ribbelglas kan ik niet exact zien wie het is, maar ’t lijkt geen leurdersgedoe (dat kan ik op zo’n spitsmomenten missen als kiespijn) dus besluit ik maar om de deur open te doen.

’t Is meer dan vier jaar geleden dat ik ze nog zag. Ze vertrok in mei 2005 immers voor enkele maanden naar Peru. Vrijwilligerswerk gaan doen. Ik herinner me nog vaag dat ze ging terug zijn rond de tijd dat Fien geboren moest worden. Eind maart 2006 dus. Maar maart passeerde en ze bleef in Peru.
Ondertussen zijn er al enkele jaren voorbij, heeft ze ginder ne vent opgeschaard en hebben ze samen een zoontje.

1 oktober 2009, vandaag bij benadering, landden ze om 14u40 in Zaventem. De dagen vliegen hier en ik had dat niet op de kalender geschreven. Groot was de verrassing toen ze amper een paar uur later aan mijn deur stond.

Een moment later stond ze tussen alle kinderdrukte in mijn keuken. Ze ziet er goed uit, vermoeid… dat wel, maar wat wil je als je een vlucht vanuit Peru achter de kiezen hebt?
Uiteraard staat ze hier niet voor niks. Ze doet haar verhaal dat ik met moeite kan volgen.
Ik schrijf mijn gsmnummer op, geef haar mijn gsm mee en wuif ze wat later terug uit, lichtjes vereerd dat ik de eerste van de oudleiding ben die haar heeft teruggezien.

Morgen springt ze binnen met man en kind, krijg ik mijn gsm terug en hebben ze hopelijk hun achtergebleven koffer(s) terug.

Welkom terug! En véél succes met de aanpassing in ons apenlandje.