doe-het-zelven

casino online blackjack echtgeld

Ik opende zonet mijn blog nog eens. Een horde nog niet toegelaten reacties stonden te wachten. 42 om precies te zijn. De meerderheid daarvan is een reactie op dit postje. Mensen zijn blijkbaar naarstig op zoek naar een patroon voor een maxi-cosihoes.
Omdat ik niet de tijd heb om iedereen terug te mailen, omdat ik ook niet iedereen wil blijven mailen, gooi ik het patroon gewoon in de lucht.
Vanaf heden vindt Jan en Alleman dat patroon dus gewoon hier. (De link werd bijgewerkt op 27 juni 2014 en werkt normaalgezien weer.)

Ik doe een poging om te rekenen op uw eerlijkheid. Voor persoonlijk gebruik! Het kan niet de bedoeling zijn om hier een handeltje rond op te zetten. En wees aub even vriendelijk en zet in ruil voor het gebruik van dat patroon even een reactie. Dat ik mensen blij maak, dat is goed voor mijn gemoed. 🙂

Nieuwjaarke zoete

31 december. De dag dat het volk onze voordeur platloopt. Bedelkinderen die zingen voor een centje, een snoepke of een koek.

Wij wonen in één van de twee straten die zowaar de hoofdader van ons dorp vormen.  Op straat kunnen we de klok van de kerktoren lezen. Met andere woorden, de hoofdmoot van de nieuwjaarszangers passeert onze deur.

Vorig jaar hield ik me bezig met zingzakken voor de kinderen te maken en kregen de zangers een snoepke.
De buit die ze vorig jaar zelf mee naar huis namen was zo misselijkmakend zoet dat ik besloot dit jaar zelf mijn geefgedrag wat te veranderen.
Ik zette mij in de keuken met het allersimpelste recept dat ge kunt vinden voor koekskes (enfin, dat dacht ik) en zorgde voor 312 pakskes met een koekske in.
(Mitte ging bijgevolg met een recyclagezak zingen waarop ik deze ochtend nog gauw haar naam flockte.)

Goed, ik was er twee dagen werk aan kwijt. Niet het meest verstandige idee ooit, ik geef dat toe. Ik doe het ook maar enkel nog eens opnieuw als er volgend jaar iemand van op den buiten mee komt bakken en samen aan mijn deur komt staan.

Hoe dat nu juist ging?
Dag 1 bakt ge koekskes tot ge zelf naar een koekske smaakt.

Chocokoekjes:

Ik experimenteerde met de hoeveelheden dus zaten er verschillende koekjes in de pakjes.
De beste verhoudingen bleken de volgende:
– 400gr choco met hazelnoten (alla nutella)
– 200gr bloem
– een half ei (dooier of eiwit, dat maakt niks uit)
– een kletske melk

Als den deeg blinkt van ’t vet uit de choco, dan weet ge dat ge de goeie verhouding hebt.

Bollekes rollen, platduwen op een bakplaat met bakpapier en 8-12 minuten den oven in.

En als ge dat lang genoeg volhoudt geraakt ge aan meer dan 300 koekskes.

 

Dag 2 plooit ge verpakkingsmateriaal

Origamizakjes

Ik had hier nog nen hoop charcuteriepapier liggen van de AVA dus dat was logischerwijze het papier dat eraan moest geloven. Kraftpapier of bakpapier had evengoed gewerkt uiteraard. Maar bezint eer ge begint. 300 zakjes plooien doet ge niet op een uurtje…

 

En alzo zette ik gisteren een mand met 312 pakjes aan de voordeur. Er schieten er geen 20 meer over. Goed gegokt dus. 🙂
Voor volgend jaar: een knechtje of een ander idee aub.

Feest ze!!

 

 

 

Boom

9 januari: De kinderen gaan weer naar school.
9 januari: De dag dat moeder de kerstboom afbreekt.

Serieus, hier heeft nog nooit zo lang een kerstboom in huis gestaan. Meer zelfs, ik vond het zelfs spijtig om hem af te breken.

De versiering ging in de doos. De boom sleurde ik naar Klaas zijn kamer.
Daar wacht hij tot ik tijd heb om deze te maken;

Wie weet haalt hij de volgende kerst nog wel en kan hij nog eens gerecycleerd worden.

Een vrouw moet alles kunnen

… en omdat ik deze keer niet zwanger ben, pakte ik dus zelf de haag maar aan.
Een klimophaag btw. Lelijk en vuil. Maar van de buren.

Met de elektrische haagschaar van mijn ouders klaarde ik de klus in een half uur.
Daarna had ik een half uur nodig om mijn fijne motoriek terug te vinden. (Serieus, eens wrijven over uw neus zonder fijne motoriek, da’s gelijk nen halve over uw gezicht reussen*) Den tuut in mijn oren verhuisde ook pas na een uur.

Hagen scheren en bomen snoeien (met een handzaag)…ik ga nog serieus wat spek moeten eten om de volgende dag niet elke vezel in mijn armen te voelen!
En ik die dacht dat ge van elke dag een paar kilo kindervlees te sjouwen armspieren kreeg. *ahum*

*reussen=wrijven

Plannen. Wilde.

Het eerste plan is om een kiekeskot te zetten voor die kip die gouden eieren legt.

Vervolgens kan ik misschien de rest van mijn plannen eens ter uitvoering brengen.
Zoals daar zijn;

– Een schuurtje bouwen. Helemaal vanachter in onze hof. Het tuinhuis dat midden op drassige grond staat en in de winter  kan doorgaan als overdekt plonsbadje (overdreven…) mag plat en den beton verwijderd.

– Het kippenhok mag deels ondergebracht worden in het nieuwe schuurtje.

– Aan onze achtergevel mag een afdak geplaatst worden. Liefst met zo’n schoon houten balken en een pannendak.
Dat zou zo handig zijn om onze fietsen onder te zetten.

– De groentenhof moet aangelegd en ingezaaid worden. Nog een beetje tijd daarvoor en de voorbereidingen zijn genomen. Maar ik voel dat er te weinig tijd gaat overschieten om het te doen zoals ik het in mijn hoofd heb.

– Oh… een schaap zou zo geweldig zijn. Maar da’s ni haalbaar op 400m² zekers?
Ik heb daar ook een wederhelft in tegen…

–  Een wild binnenplan: ik wil een weefgetouw! Dus als ge iemand kent die zijn/haar weefgetouw wegdoet voor een prikske… Ik. Wil.
(Ja Tom… als gij zoveel draden moogt, wil ik ook. Elentrik of stof, zoveel verschil is dat niet hé. 😉 )
’t Is geleden van toen ik pakweg 15-16 jaar was en ik weet niet of ik die kettingdraden nog zonder handleiding zou kunnen opzetten, maar kom. Ik heb er wel goesting in!
Een groot weefgetouw zou tof zijn, maar met zo één zou ik al heel content zijn:

Verder zijn er nog veel andere plannen. Minder wild, dat wel. De volledige woonkamer schilderen, inclusief plafond… dat moet dit voorjaar nog gebeuren.
Het houtwerk in de achtergevel moet afgeschuurd en herschilderd worden. Noodzakelijk kwaad.

Wilde plannen zijn toffer. 😉

Huiswerk (I)

In ’t voorjaar kochten we een instapklaar huis. Centrum van ’t dorp. Gebouwd in de jaren ’30. Ne schone hof. Genoeg plaats in huis voor vier kinderen.

1 mei krijgt ge de sleutel, ge trekt behang van de muren want dat is vetzakkerij om te doen als ge er al woont.
Met het behang trekt ge ook de oude bezetting eraf op sommige plaatsen. Dat wordt dus opnieuw bezetten…
Wat doen we dan met het vals plafond? Het behang loopt daaronder door.
Weekend voor de verhuis? Plafond eruit pleuren.

Zo zag het er oorspronkelijk uit
leefruimte

Onder dat vals plafond zat een schoon origineel pleisterplafond met een rozet in ’t midden en mouluren langs de kanten.
Het zag er echter niet ongeschonden uit. (Foto’s staan nog ergens onbewerkt op een harde schijf…)
Vele barsten, gaten door het vals plafond, gaten voor de buizen van de chauffage, gaten door waterlekken. (Begin jaren ’80 heeft dit huis leeggestaan. De mensen die het daarna kochten, hebben de leidingen weer opengezet en hebben niet geweten dat ze gesprongen waren. Alle gevolgen van dien dus.)

De grootste gaten in ’t plafond werden gevuld met wat plamuursel om het toch een klein beetje te fatsoeneren.
De week erna zijn we erin getrokken.

De tijd na de verhuis diende om alles op orde te zetten, hard te werken en om een boeleke te verwelkomen in ons gezin.

Dan wordt het herfst, is uw moeder ermee gestopt om uw muren te komen voorzien van een nieuwe laag bezetting (stucwerk zo u wil) en moet ge zowaar echt in actie schieten om volk te vinden om dat verder te doen.
Iemand vinden die een relatief kleine ruimte wil komen bezetten, blijkt geen kinderspel te zijn. Toch niet als ge geen geld kakt. En helaas, ik heb al véél geoefend, maar dat lukt mij nog steeds niet!

Op de moment dat ge begint te denken dat ge het toch zelf allemaal zult moeten bezetten, vindt ge ne kerel die dat wel ziet zitten. Fijn! Want hoe sneller het bezet geraakt, hoe sneller wij onze op maat gemaakte kast kunnen laten komen.

Meubels worden ingepakt in plastiek, evenals de speelhoek van de kinderen, er wordt geschoven en verzet totdat ge uw leefruimte hebt verkleind naar 30m²  -inclusief keuken-.

De volgende twee weken wacht ge tevergeefs op de bezetter. Dan is het dit, dan is het dat. Buiten begint het toch wat frisser te worden en de chauffages zijn afgekoppeld uiteraard. De mens mag dus wel gaan komen!!

Het geraakt bezet. Uw huis is een pacht! Laten bezetters altijd zoveel vetzakkerij achter? Wij hebben serieus ons best moeten doen om alle opgedroogde drab en andere viezigheid bij elkaar te krijgen.

Als den bezetter weg is en ons huis nog steeds is afgeplakt ergens halverwege, beslissen we om door te bijten en ineens door te doen. De chambrangs worden ontdaan van hun verflaag en later van hun gesapte laag. De muren moeten afgeschuurd worden. En dat plafond! Dat plafond moet proper gezet worden.

Manlief, met de tere computerhanden, gooit zich in de strijd. Het gaat langzaam maar zeker. Vier kindjes die af en aan slapen, eten nodig hebben ea…, zo gaan de werken in huis van geen kanten vooruit natuurlijk!
Ik begon al wat lastig te worden daar op mijn 30m² met mijn kroost. Hoe langer we daar ook zaten, hoe meer gerief er langs de plastiek toch naar de gereduceerde woonruimte emigreerde. Het begon er wat vol te worden. Vol en rommelig. Een doorn in mijn moederoog.

Ondanks de inzet op de kinderluwe momenten, blijkt uiteindelijk toch dat we het niet rond zullen krijgen tegen het Sinterklaasweekend.
De wederhelft komt met het voorstel af om één deel van de ruimte af te werken, de plastiek te verhangen en daarna aan het voorste deel verder te werken.
Goei idee! Zo zouden we tegen Sinterklaas toch 25m² extra moeten kunnen hebben.

En zo geschiedt.
4 december 2010: Terwijl de Man een stel goei vrienden helpt verhuizen van ’t Stad naar de Kempen, houdt de Vrouw zich bezig met het woonklaar maken van het afgewerkte deel en het entertainen der kinderen. De combinatie der beide vrouwentaken, lukt tot op een zeker niveau vrij aardig. De kinderen zien immers hun speelgoed terug dat ze 5 weken hebben moeten missen!

Om dat stukske kort te maken: het is gekuist en (intern) verhuisd geraakt. De kindjes hebben hun schoentjes gezet en Sinterklaas had wat meer plaats in ons huisje om met zijn paard te manoeuvreren.

Het vervolgverhaal hebt u nog tegoed!

Prinsessenkleed

Ons Fien had een goei twee weken geleden het lef gehad om aan mijn grootmoeder te vragen of ze een prinsessenkleed wou maken.
De mémé (zoals we mijn grootmoeder noemen) ging dat wel doen. Mémé is naaister geweest bij de kleermaker in Zele. Ze kan dat dus.
Het menske wordt over een paar maanden 80. Kwiek is ze nog wel, maar die draden in die naalden krijgen, dat gaat toch allemaal nimeer zo vlot als vroeger. En zo zit ze dus bij mijn tante (één van haar drie dochters) die ook best een stukske kan naaien. Zij maakt elk jaar kostuums voor een balletvoorstelling. ’t Schijnt heeft ze zelfs ne keer een jurk gemaakt met een hoepelrok. Niet zomaar eentje, ’t was er ene waar een danser op stelten in moest kunnen, waar een stuk of tien kinderen onder moesten en waarvan de voorkant met touwtjes open moest gaan.
Enfin, die twee mensen werken dus nu aan een kleedje voor Fien.

Ik kreeg net telefoon van die tante om wat maten van Fien door te geven. Van de nek tot in de lenden, van de nek tot op de grond, de breedte van de rug, de breedte van de borst, de lengte van haar schouder,…

Ik voel me redelijk leek op naaivlak nu!
En ik ken alvast een meisje hier in huis dat dolgelukkig zal zijn met haar verjaardag!

schooltasje

Hier is ie dan eindelijk! Een foto van Klaas zijn olifantentas.
Ik wou eigenlijk eentje met een uil maken, maar Klaas koos een olifant.

Het patroon viel belachelijk groot uit, dus heb ik me maar gebaseerd op het bestaande patroon en het gewoon verkleind. In de zijkanten heb ik nog stukjes bijgezet die met een “knetserke” ofte drukknoopje open en toe kunnen.
Zo kan er toch wat meer volume in het ventje zijn tasje. Dat was de eerste dag met sloefjes, banaan en proper broekje al meteen nodig!

Eigenlijk had het toch een klein beetje groter gemogen, maar kijk, ’t is nu zo en ’t zal nimeer veranderen!

Schooltasje

Omdat ik voorlopig niet verder kan met het suikerbonenwerk, heb ik me de laatste paar avonden maar wat beziggehouden met andere dingen.
Zo maakte ik twee nieuwe kersenpitkussentjes én een schooltasje voor Fien!

Dat alles werd in elkaar geflanst met leuke stofoverschotjes en zonder patroontjes of meetlatten.
En het resultaat mag er uiteindelijk wel zijn vind ik.

Een leuke tas voor Fien waar haar poppemieke in kan “slapen” terwijl zij in ’t klasje speelt.
Er past nog een proper broekje en onderbroekje in en er is plaats voor een fruitje.
Met de velcrostrips krijgt ze haar schooltasje gemakkelijk zelf open en toe. Bovendien is haar tasje duidelijk gemerkt met haar naam.

Meer moet dat niet zijn voor een peuterke.

Nu nog sloefjes kopen voor in de klas en ze kan vertrekken binnenkort!

Sint Lucas

Gisteren heb ik hier op een muur staan frotten om de laatste restjes behang eraf te krijgen en de resterende lijm af te wassen.
Deze namiddag heb ik dan de gaten en oneffenheden dichtgestopt om vanavond uiteindelijk tot schilderen over te kunnen gaan.

Het begon me namelijk DIK tegen te steken dat er hier vanalles nog moet gebeuren in huis.

Dat schilderen dus. Geen avance! Blijkbaar zat er nog steeds lijm op de muur want de verf pakte naar mijn gevoel niet echt goed en er verschenen zo precies vlekken alsof er pluis aan de muur hing.
Het plamuurmes er maar bijgehaald en de lijmresten inclusief laagje verf van de muur geschraapt.

Ik heb alle heiligen van den almanak uit den hemel gevloekt! Sint Lucas (patroonheilige van de schilders) was mij niet goed gezind geweest.
Daar word ik nu écht slecht gezind van sé. Als ik mijn zinnen ergens op heb gezet en dat niet kan doorgaan of wil lukken omwille van zo’n sléchte reden. Oh bah!

Morgen eens kijken wat we er verder mee moeten aanvangen!